Publicaties
Jeroen Weijermars van Zjerom

Jeroen Weijermars: ‘Wie als amateurclub niet verandert, wordt een V&D’

Jeroen Weijermars is docent op de Johan Cruyff University en is sportondernemer. Hij is een veel gelezen columnist die vooral schrijft over de veranderende wereld in de georganiseerde sport. Wij spreken hem over twee thema’s: hoe krijgen voetbalverenigingen meer jongeren in hun bestuur én hoe kan de voetbalbestuurder anticiperen op hun omgeving die heel snel verandert.

U heeft veel jongeren in de collegezalen die allemaal interesse hebben getoond in besturen. Waarom hebben voetbalverenigingen zoveel moeite te verjongen?
‘Wat ik veel zie gebeuren is dat er wel jongeren komen met hun ideeën, maar dat er snel wordt gezegd: dat hebben we al een keer geprobeerd. Ja, vind je het gek, die vereniging bestaat al 100 jaar, dan heb je alles al een keer geprobeerd. Bovendien heeft het geen zin om zoiets te zeggen. Kijk naar de technologische veranderingen. Facebook, YouTube en Twitter bestaan net 10 jaar. Verder zie je dat de maatschappij ook sneller verandert dan vroeger. Je merkt dat jongeren moeite hebben met het oude model van hiërarchisch besturen. Zij hebben een andere opvatting. Ze zeggen: ik ben expert in iets en daar wil ik op worden beoordeeld. Zij willen softere organisatiestructuren. Wil je die jongeren betrekken bij je bestuur, zou je daar wel op moeten inspringen. Laatst sprak ik een oudere collega die een zware functie heeft in het bedrijfsleven. Hij zei dat hij elke keer weer iets moest leren, iets moest afleren en iets weer opnieuw moet leren. Dat kan je jammer vinden, maar het is de realiteit. Ik ben een kind uit de jaren 70. Persoonlijk vind ik de verenigingsstructuren en beleving van toen mooier dan nu. Maar dat is louter een romantisch beeld, niet de realiteit.’

Ziet u deze reflex ook terug in het voetbal?
‘Ja. Kijk bijvoorbeeld naar algemene ledenraadvergaderingen. Daar zitten vaak oudere leden met veel verantwoordelijkheidsgevoel. Maar jongeren zeggen: wat moet ik daar doen? Ga proberen om dat deel van je leden meer te betrekken bij zo’n avond. Als we met z’n allen via de mobiel kunnen stemmen bij het Eurovisie Songfestival, dan valt er toch ook wat te bedenken voor zo’n avond? Benader die jongeren op de platformen waar zij aanwezig zijn én in hun taal. Denk ook eens aan co-creatie. Vráág die groep leden hoe je als bestuur hen kunt interesseren voor zo’n vergadering. Er zijn clubs die er een feestavond aan koppelen. Ik vind het goed. Maar doe het niet op de manier van 60 jaar geleden, terwijl je weet dat er dan vrijwel niemand komt, om vervolgens te zeggen dat er weinig draagvlak is.’

‘Er wordt vaak geïnvesteerd in technisch kader, maar aan bestuurders wordt niet gedacht.’

Wat zijn de gevolgen als je het niet doet?
‘Wie naar de bestuurlijke kant kijkt, zal zien dat het aantal vrijwilligers en leden zal afnemen. Of dat ze nóg meer consument worden. Laatst is er een onderzoek verschenen waaruit blijkt dat er aanzienlijk meer mensen zouden gaan voetballen als er een midweekse competitie wordt opgezet. Luister naar die wensen, want anders lopen ze weg. Ik geloof zelf wel in deze nieuwe generatie. Waarom? Omdat ik ze in mijn colleges zie zitten. Ze zijn geïnteresseerd en willen juist meedenken. Laatst had ik nog een jongen in de klas die actief was bij zijn voetbalvereniging. De manier waarop hij vol enthousiasme en bevlogenheid over zijn club spreekt is prachtig.’

U zegt eigenlijk: vraag en aanbod zijn niet op elkaar afgestemd.
‘Voor een bepaald deel van de leden. De veertigers haken massaal af, anderen stoppen omdat ze zaterdag willen voetballen en niet zondag. En ze gaan nu niet meer per individu, maar per elftal. Je kunt die veranderende wensen niet negeren. Dat is net zoiets als Douwe Egberts zegt: je moet mijn koffie Aroma Rood Donker wel lekker vinden. Maar ik vind het niet lekker. Ga ik het dan drinken? Nee. In mijn colleges geef ik V&D vaak als voorbeeld. Als je niet inspeelt op veranderende behoeftes overleef je niet. Dat wil niet zeggen dat je als vereniging meteen omvalt als je je niet aanpast. Maar ik denk wel dat de overlevingskans het grootst is voor verenigingen met het beste aanpassingsvermogen.’

‘Ontevreden leden vertrekken nu niet meer per individu maar per elftal.’

Hoe ziet de toekomst eruit. Wat moet er veranderen?
‘Onlangs heeft NOC*NSF de sportagenda voor 2017+ gepresenteerd. Daarin wordt gesproken over anticipatie op de gouden driehoek: kader, aanbod en accommodatie. Over het aanbod hebben we het gehad. Laat ik nu met het kader beginnen. Het is bewezen dat mensen zich graag aansluiten bij een vereniging met een goed kader. Maar vooral bij voetbalverenigingen wordt er geïnvesteerd in het technisch kader. De trainers worden betaald, maar aan het opleiden van bestuurders wordt vaak niet gedacht. Dan hoor je: dat kost 100 euro, dat doen we niet. Maar vervolgens moet dat bestuurslid wel onderhandelingen met de gemeente voeren. Dan zit hij tegenover iemand die wél specifiek geschoold is op bepaalde gebieden. In kennis moet je als voetbalvereniging investeren, want het levert je uiteindelijk geld op. Bij bedrijven doen ze het ook, dus waarom bij sportverenigingen niet? Een voetbalclub met 300 leden kun je echt als een bedrijf zien. Die scholing van bestuurders is overigens niet alleen de taak van de club, maar ook van gemeenten. Ik geef dat soort trainingen zelf ook en ik merk dat het helpt, dat bestuurders het besturen ook leuker gaan vinden. En op die manier wordt het in de hele vereniging leuker.’

De rol van accommodaties moet ook veranderen?
‘Laat ik bij dit thema vrouwenvoetbal als een van de voorbeelden nemen. Nederland bestaat voor zo’n vijftig procent uit vrouwen, maar dat percentage wordt bij de voetbalvereniging niet gehaald. En er zijn kansen want de sportemancipatie in ons land is nog in volle gang is. Ik snap het deels ook wel dat het nog niet is gehaald. Het is lastig om het in te passen in een echt mannenbolwerk. Maar zorg dat vrouwen zich welkom voelen bij je vereniging. Bied ze de mogelijkheid om overdag te trainen of zelfs te spelen. Want de realiteit is dat nog steeds veel vrouwen – meer dan mannen – overdag thuis zijn en tijd hebben om te sporten. Kijk maar naar sportscholen tijdens kantooruren.
En als ze dan toch in de avond trainen zorg dat ze zich veilig voelen als ze naar een parkeerplaats moeten lopen. Zorg ervoor dat de toiletten schoon zijn. De belangrijkste reden voor vrouwen om niet naar festivals te gaan is het sanitair. Ik zie vaak in de voetbalkantines dat er bier uit een fles wordt gedronken. Maar er zullen ongetwijfeld vrouwen zijn die daar niet op zitten te wachten. Dan kun je zeggen: niet zo zeiken, zo doen we dat hier: bier uit flessen en gehaktballen met brood. Maar omarm die doelgroep en houd rekening met ze. Het zijn kleine aanpassingen en ik zou daar als bestuurder heel erg op inzetten.’

‘Zorg dat vrouwen zich welkom voelen bij je vereniging. Bied ze de mogelijkheid om overdag te trainen of zelfs te spelen. En als ze dan toch in de avond trainen zorg dat ze zich veilig voelen als ze naar een parkeerplaats moeten lopen. Zorg ervoor dat de toiletten schoon zijn.’

Leden, en zeker de nieuwere generatie, stellen ook meer eisen aan de accommodatie. Het worden meer consumenten.
‘Tuurlijk, en ze hebben gelijk. Ik hoor de verhalen ook nog wel eens aan van vroeger. Ja, toen moesten we de koeienstront van het veld halen om te kunnen voetballen. Ja, dat was vroeger. Het verwachtingspatroon is hoger. Mensen betalen meer contributie dan toen en zij verwachten daar iets voor. Zoals een sportpark dat netjes is.
Straks gaan we wellicht toe naar een Zweeds model waar mensen een zesurige werkdag hebben. Dan hebben ze meer tijd om te sporten, ook op momenten dat het sportpark nu niet is bezet. Dan is het multifunctioneel gebruik van de accommodatie ook logisch. Voetbal, hockey, handbal, basketbal kunnen dan veel beter gaan samenwerken.
Zorg dat je met elkaar een mooie accommodatie hebt die uitstraling heeft. In de beleving van je leden is dat belangrijk. Die denken: daar wil ik graag sporten. Zorg ook voor wifi, voor goede koffie. Als een ouder zijn kind naar de training brengt, laat hem of haar zich ook welkom voelen. Met goede wifi kan de ouder nog wat werk wegwerken, hij drinkt er een goede cappuccino bij en voelt zich prettig. Dat zorgt voor binding met zo’n ouder, waardoor hij of zij wellicht ook aangesproken kan worden voor het verrichten van vrijwilligerswerk. Hetzelfde geldt voor de multiculturele samenstelling van je vereniging. Houd ook met die culturen rekening om ze zo stevig aan je te binden.’

Veranderingen in de maatschappij en het gedrag van leden gaan snel. Volgens sommigen zorgt dat ervoor dat de georganiseerde sport moet oppassen voor haar voortbestaan.
‘De veranderingen waar we nu mee te maken hebben gaan wel heel snel. Instituten zoals bonden hebben moeite daarop te anticiperen. Hun beslissingsmodel is wezenlijk anders dan dat van een bedrijf. Aan de ene kant maakt dat de sport ook zo sterk. Ik ben het ook niet eens met de doemdenkers die zeggen dat georganiseerde sport ten dode is opgeschreven. Er zijn nog steeds 4.5 miljoen mensen die lid zijn van een vereniging, 1.2 miljoen in het voetbal. Die mensen doen dat ook om ergens bij te horen.
Maar je ziet wel veranderingen. Mensen waren gewend dat bonden van hogerhand de competities regelden. Maar nu kunnen ze het zelf ook doen. Een Whatsapp-groep kan een paar honderd contacten hebben. Als we vanmiddag met elkaar willen voetballen, appen we gewoon wie er met ons mee wil doen. Mensen betalen nu hun contributie, maar vragen zich straks af waarom eigenlijk. De monopoliepositie die de bonden hadden, raken ze misschien wel kwijt. Zij moeten ook na gaan denken hoe ze hun oude positie kunnen behouden. Dat is vooral door aanbod te leveren waar naar wordt gevraagd. Doe je dat niet, dan moet je oppassen dat je geen V&D wordt.’

Wie is Jeroen Weijermars?

Jeroen Weijermars is met Zjerom ondernemer in sportmanagement en sportmarketing. Daarnaast is hij als docent verbonden aan de Johan Cruyff University waar hij les geeft op het gebied van sportmanagement, -marketing en -media. Ook traint hij bestuurders van sportverenigingen. Voor meer informatie: jeroen.weijermars@zjerom.nl, of www.zjerom.nl

Op de hoogte blijven van ons laatste nieuws?

Elke maand verstuurt de BAV een nieuwsbrief met het allerlaatste nieuws voor voetbalbestuurders. Zo'n 1.600 mensen hebben zich daar al voor ingeschreven. Vul uw gegevens in en ook u ontvangt ons laatste nieuws in uw mailbox.

'Clubs moeten eerder de juridische hulp van de BAV inschakelen'

'In de totstandkoming van de nieuwe structuur van de KNVB speelt de BAV een belangrijke rol'

'Wie doet de ingewikkelde wetgeving binnen uw club? Daar kan de BAV uitkomst in bieden'

'De positie van de BAV in het voetballandschap zal nadrukkelijker zijn dan in het verleden'