Die foto stond toch op Facebook? Over auteursrecht op de club
Het is een bekend tafereel. Het jeugdteam scoort een wereldgoal, een ouder klikt op zijn telefoon en binnen een uur staat de foto op Facebook. Maar net zo makkelijk wordt er voor een nieuwsberichtje op de clubsite een actiefoto van een bekende voetballer, een Oranje-klassieker of een sfeervol stadionbeeld van internet geplukt. Het staat toch online? En het is toch ‘maar’ amateurvoetbal? Dus hup, plaatsen maar.
Totdat er een e-mail binnenkomt die een stuk minder feestelijk is.
Volgens artikel 1 Auteurswet heeft de maker van een werk van letterkunde, wetenschap of kunst – en ja, daar valt een foto onder – het exclusieve recht om dat werk openbaar te maken en te verveelvoudigen. Dat recht ontstaat automatisch. Geen registratie, geen ©-teken, geen kleine lettertjes zijn daar voor nodig. Wie de foto maakt, is de baas en eigenaar van de auteursrechten.

En nee, het feit dat een foto al op Facebook of Instagram staat, verandert daar niets aan. Social media platforms krijgen weliswaar een licentie van de gebruiker, maar die geldt alleen tussen de gebruiker en het platform. Niet voor de club die de foto ‘even overneemt’. Dat volgt rechtstreeks uit artikel 12 Auteurswet: openbaarmaking is iedere mededeling aan het publiek, dus ook plaatsing op de clubwebsite of in een digitale nieuwsbrief.
Het resultaat laat zich raden. Fotoagentschappen zoals ANP of Hollandse Hoogte speuren het internet af en sturen clubs een factuur of aanmaning. Juridisch gezien niet onterecht: wie zonder toestemming een foto gebruikt, pleegt een inbreuk op het auteursrecht (artikel 13 Auteurswet) van een ander. En dat kan geld kosten. Niet alleen de gebruikelijke licentievergoeding, maar soms ook een opslag wegens onrechtmatig gebruik. Voor een amateurvereniging kan dat zomaar een paar trainingspakken extra zijn.
‘Maar we verdienen er toch niets aan?’ is een veelgehoord verweer. Helaas: het auteursrecht kijkt niet naar winst of verlies. Ook niet-commercieel gebruik kan een inbreuk zijn. De wet kent wel beperkingen, zoals het citaatrecht (artikel 15a Auteurswet), maar dat geldt alleen als de foto echt nodig is ter toelichting én correct wordt vermeld wie de maker is. Een losse illustratie bij een clubberichtje haalt die lat meestal niet.
Wat kan een club dan wél doen?
De veiligste route is verrassend eenvoudig. Werk met eigen fotografen of vrijwilligers en leg vast dat de club de foto’s mag gebruiken. Vraag expliciet toestemming als een ouder of supporter een mooie foto deelt. Of maak gebruik van stockfoto’s met een duidelijke licentie. Het klinkt misschien wat formeler dan ‘even downloaden’, maar het voorkomt een hoop juridische blessuretijd.
Het auteursrecht is er niet om amateurclubs te pesten. Het beschermt de maker, maar dwingt clubs ook om bewuster om te gaan met beeld. En dat is geen overbodige luxe in een tijd waarin één klik genoeg is om iets te publiceren.
Dus de volgende keer dat iemand zegt: ‘Die foto stond toch op Facebook?’, is het juiste antwoord: ‘Ja – maar van wie is ’ie eigenlijk?’ Dat ene checkmoment kan de club een hoop geld én hoofdpijn besparen.
Jurriën Hemstede (Brantjes advocaten)
Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met onze partner Brantjes Advocaten.
