Publicaties
SWS kwalificaties

Financiële positie vereniging blijft stabiel

Volgens de Stichting Waarborgfonds Sport (SWS) is de financiële positie van de sportvereniging in 2014 nagenoeg gelijk gebleven. De negatieve trend van de laatste jaren wordt daarmee doorbroken. Wel nemen de sponsorinkomsten met 4 procent af. Directeur Dick Zeegers (foto) ziet dat vooral voetbalverenigingen in de hogere klassen daardoor gaan besparen op kosten voor trainers.

De grafieken over de financiële situatie bij sportverenigingen wezen de laatste jaren vrijwel allemaal naar beneden. Het werd zwaarder om het hoofd boven water te houden, in vrijwel alle takken van sport. In het meest recente onderzoek van de Stichting Waarborgfonds Sport, over het jaar 2014, blijkt dat de neerwaartse spiraal is doorbroken. Dick Zeegers, directeur van SWS: ‘De afgelopen vier jaar hebben we een verslechtering gezien van de financiële positie. Sponsor- en kantine-inkomsten liepen terug en je zag dat subsidies van gemeenten ook minder werden. In de laatste meting merk je dat sportverenigingen daarop zijn gaan anticiperen. De contributie is omhoog gegaan, de prijzen in de kantines zijn verhoogd en er wordt gesneden in de kosten, bijvoorbeeld op de salarissen van trainers en coaches.’

Dick Zeegers

SWS-directeur Dick Zeegers

Het verhogen van contributies is bij voetbalverenigingen al jaren onderwerp van gesprek. Die zijn té laag, vinden veel onderzoekers. Zeker gezien hetgeen je ervoor terugkrijgt: twee keer per week trainen, een wedstrijd in de week, vaak begeleiding van gediplomeerde coaches en allerlei andere activiteiten op de club. ‘Bij de verhoging van contributies is er wel een paradox. Aan de ene kant zegt de politiek dat sporten in Nederland voor iedereen mogelijk moet zijn. De prijzen moeten laag gehouden worden, want niemand mag worden buitengesloten. Aan de andere kant móéten verenigingen wel de contributies verhogen om een sluitende begroting te kunnen presenteren. Opvallend is wel dat de ledenaantallen door de verhoogde lidmaatschapsgelden nauwelijks afnemen. Ik verwacht dat de contributies de komende jaren nog verder zullen stijgen. Het kan ook, want er zit nog rek in, alleen moet je je wel afvragen hoeveel nog. Wij betalen voor mijn voetballende zoon 128 euro per jaar. Dat is prima, maar wat gebeurt er als het 168 euro per jaar wordt?’
Door de verhoogde contributies is er vooralsnog geen daling aan leden gemeten. ‘In een economische crisis zie je dat mensen eerder bezuinigen op luxe goederen, zoals reizen en auto’s’, denkt Zeegers. ‘Het lidmaatschap voor de kinderen bij een sportvereniging blijft vaak onaangetast voor ouders. Dan gaan ze liever een keer minder op vakantie. Ik denk dat er eerder wordt bezuinigd op de sportvereniging door tijdgebrek van de ouders. Mijn zoon zit ook nog op schaken, heeft andere activiteiten buiten schooltijd. Er komt een moment dat ouders gaan denken: het wordt ons nu wel een beetje te druk, laten we het schaken of het voetbal of een van de andere activiteiten maar afstoten.’
Hoewel de negatieve trend is doorbroken, merkt Zeegers wél dat de liquiditeit bij verenigingen beter kan. ‘Vooral bij voetbalverenigingen zien we dat er relatief weinig liquiditeit wordt opgebouwd. Op een gegeven moment moet je wel investeren in bijvoorbeeld een clubhuis. Dan is de vraag: wat te doen? Ik geloof wel dat voetbalverenigingen veel power hebben en dat ze door loterijen of door sponsoring een deel kunnen ophoesten. Je ziet dat de voetbalvereniging daar veel sterker in is dan andere takken van sport. Alleen zou het mooier zijn nú al 10 duizend euro per jaar apart te leggen om de nieuwe kantine die over tien jaar nodig is te kunnen financieren. Dát is de boodschap die we willen geven. Vaak maken verenigingen plannen voor een jaar. Dan komen ze op 0 uit en is het prima. Maar probeer verder te kijken. We zien ook relatief vaak dat investeringen zoals een nieuw clubhuis of compleet nieuwe keuken worden doorgeschoven naar het volgende bestuur.’

Een tendens die de laatste jaren duidelijk zichtbaar is, is de afname in sponsorinkomsten bij de sportvereniging. Volgens Zeegers heeft dat niet alléén met de economische crisis te maken, maar ook met de veranderende wensen van de lokale ondernemers. ‘Vroeger zag je dat een reclamebord ergens achter op een veld voldoende was. Ruim 70 procent van de sponsors bij sportverenigingen dragen bij, omdat ze het de club ook gunnen. Maar we gaan steeds vaker naar een beeld toe dat de sponsor zegt: wat krijg ik er eigenlijk voor terug? Verenigingen moeten zich in deze tijd afvragen wat zij een sponsor kunnen bieden. Hoe krijgen we meer mensen naar de slagerij, de bakker of de auto-verkoper? Natuurlijk heeft ook de crisis invloed op de daling. Voor ondernemers is het moeilijk te verkopen om zelf mensen te ontslaan, maar wel duizenden euro’s in een vereniging te stoppen.’

Maar hoe moeten bestuurders omgaan met de veranderende eisen van de ooit trouwe sponsors? Inventief zijn is belangrijk, betoogt Zeegers. ‘Ik zag laatst een mooi voorbeeld bij een voetbalvereniging. De groenteboer had het fruit gesponsord voor de leden. In plaats van een reclamebord stond er nu een grote bak met appels en peren voor de leden, met een groot bord van zijn zaak erbij.

Wat in onderzoek van de SWS naar voren komt is dat er een correlatie bestaat tussen de afname aan sponsorinkomsten en het bezuinigen op bijvoorbeeld trainerskosten voor selectie-teams. Zeegers: ‘Zeker bij de hogere klassen in het amateurvoetbal zie je dat duidelijk. Een sponsor wil wel betalen, maar dan moet het naar de selecties gaan. Nemen die inkomsten af, dan geeft de vereniging ook minder uit aan de selectie-elftallen. Trainers en spelers krijgen dan minder betaald.’
Al met al geven de recente cijfers van de SWS aan dat het niet zo slecht is gesteld met de financiële positie van de sportvereniging. Zeegers: ‘De helft van de clubs heeft voldoende liquiditeit en is daarmee toekomstbestendig. Een klein deel noemen wij problematisch en een héél klein deel – zo’n 2 procent – staat er slecht voor. Bij die laatste categorie zie je vaak dat er incidentele oorzaken zijn, zoals een onbekwame penningmeester. De financiële positie wordt over het algemeen iets minder, maar het is niet zo dat er veel clubs zullen omvallen.’

Dat zijn goede berichten, na jaren van waarschuwingen dat het de sportvereniging slecht gaat. Ook de naderende geluiden over terugtrekkende overheden zullen waarschijnlijk niet voor een sneeuwbaleffect gaan zorgen, denkt Zeegers. ‘Natuurlijk gaan gemeenten bezuinigen op sport. Maar in het verleden was het zo dat sport boven aan de lijst met posten stond, dat is niet meer zo. Aan de andere kant zullen verenigingen het wel gaan merken, want de overheid geeft een miljard euro per jaar uit aan sport.’

Digitalisering
Waar sportverenigingen wel op moeten anticiperen is de snelheid waarmee de wereld om hen heen digitaliseert, zegt Zeegers. En ook dát hoeft geen gevaar te zijn. ‘Het is eigenlijk gemakkelijker geworden. Door de digitalisering is er minder werk. Kijk alleen naar zoiets als het vervaardigen van een clubblad. Die moest gemaakt, gedrukt, geniet en verspreid worden. Dat is nu alleen maar makkelijker. Minder mensen zijn misschien bereid om iets in het bestuur te doen, maar het werk is ook minder geworden. Bovendien heeft de digitalisering ook effect om de sociale kracht van een vereniging. Mensen willen nog steeds ergens bij horen. In een wereld waarin vooral wordt gecommuniceerd via whatsapp of Facebook is de vereniging hét ideale bindmiddel.’

Op de hoogte blijven van ons laatste nieuws?

Elke maand verstuurt de BAV een nieuwsbrief met het allerlaatste nieuws voor voetbalbestuurders. Zo'n 1.600 mensen hebben zich daar al voor ingeschreven. Vul uw gegevens in en ook u ontvangt ons laatste nieuws in uw mailbox.

'Clubs moeten eerder de juridische hulp van de BAV inschakelen'

'In de totstandkoming van de nieuwe structuur van de KNVB speelt de BAV een belangrijke rol'

'Wie doet de ingewikkelde wetgeving binnen uw club? Daar kan de BAV uitkomst in bieden'

'De positie van de BAV in het voetballandschap zal nadrukkelijker zijn dan in het verleden'